Vrees of vleugels, hoe ga jij naar je werk?

Is dit nog wel mijn plek?

Er was een tijd dat ik dacht dat ik nooit meer een andere baan zou willen. Die tijd ging voorbij. Ik ging mij afvragen of dit nog wel mijn plek was en raakte verstrikt in het idee dat er geen alternatief was. Dat ik aan de ene kant nooit meer ander werk zou krijgen en dat ik aan de andere kant niet wist hoe ik het werken op deze manier tot mijn pensioen vol kon houden.

Vragen die helpen

Als je in zo’n situatie zit is het goed om je een paar dingen af te vragen. De antwoorden kunnen je doen inzien dat je het zo slecht nog niet hebt. Je gaat je werk, je collega’s, de organisatie opnieuw waarderen en kunt weer vol goede moed aan de slag. Je kunt er ook achter komen dat er grote verschillen zijn tussen jou en je werk. Dat kan gaan over bedrijfscultuur, taken, collega’s of de organisatie. Dan heb je nog steeds een keuze: je accepteert die verschillen en je gaat door of je slaat een andere weg in.

Vragen die kunnen helpen:

  • Wat betekent werken voor mij? Wat vind ik belangrijk?
  • Wat wil ik absoluut niet missen in mijn werk?
  • Waar krijg ik vleugels van? Hoe vind ik dat terug in mijn functie, bij mijn taken, met collega’s?
  • Wat zuigt mij leeg? Heeft dat met mijn werk te maken of met iets anders?
  • Welke waarden zijn voor mij belangrijk? Wanneer worden die gevoed? Zijn er op mijn werk waarden die mij voeden? Zijn er waarden die botsen met de mijne? Hoe vaak gebeurt dat en hoe ga ik daarmee om?

Na anderhalf jaar – met bovenstaande vragen kan dat sneller – was ik eruit. Ik sloeg een andere weg in.

Geen talent, wel vleugels

Olieverf op doek – Masha Trebukova

Als zelfstandige moet ik er hard aan trekken om in het woud van coaches mijn plek op te eisen. Ik ben mijn eigen werkgever en werknemer met alle bijbehorende taken. Voor sommige van die taken heb ik geen talent. Dan heb ik een off-day. Daar staat tegenover dat ik mij nog steeds trots voel dat ik ooit die stap heb durven zetten. Dat ik niet ben blijven hangen in de situatie. Dat ik mij verder ontwikkeld heb. En dat ik daardoor werk kan doen waar ik vleugels van krijg.

Werkstress door conflicten, je kunt er iets aan doen.

Six or nine? – vervolg

In één van mijn eerste blogs vertelde ik hoe ik – best wel gênant – als groentje in botsing kwam met een ervaren collega. Hier zie je hoe dat precies zat. En niet alleen bij mij kunnen boosheid, ergernis en andere emoties voor werkstress zorgen; als coach zie ik dat ook anderen daarmee te maken hebben. Voor jou als veertiger en vijftiger is dat extra spannend, want op deze leeftijd is van baan switchen geen sinecure. Maar langdurig met stress naar je werk gaan is behoorlijk ellendig en zelfs ongezond.

Loop jij vast in de samenwerking met collega’s? Je kunt er iets aan doen. Vaak speelt onbegrip een rol. Dan helpt het om de boel eens van de andere kant te bekijken. En dat is waar ‘m de kneep zit, want dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Zeker als je boos of teleurgesteld bent. Daarom geef ik je een paar nuttige handvatten die je helpen door een andere bril te kijken. Misschien vergt het een beetje oefening, maar met deze tips

– verbreed je je blik en ontwikkel je jezelf

– heb je minder spanning en stress

– ben je productiever en efficiënter

– werk je met meer plezier

– versterk je je veerkracht

Probeer het maar eens.

TIP 1 Zoek een ander perspectief

Sta je aan de kant van de zes, dan zie je alleen die zes. Terwijl je collega een negen ziet. Hoewel jullie het allebei correct zien zul je het nooit eens worden. Als je náást hem gaat staan, zie je het andere perspectief. En wellicht komt hij (of zij natuurlijk) dan ook even bij jou staan. Ik verzamelde op die bewuste dag wat producten die op de foto moesten en liep het magazijn uit. De chef (her)kende mij niet. Bij iemand die dagelijks te maken heeft met verduistering van goederen gaan er dan bellen rinkelen. Hij floot mij terug, enigszins tot mijn verontwaardiging. Ik deed toch gewoon wat mijn afdeling vroeg? Het werd helemaal ongemakkelijk toen een stuk of vijf jongemannen stopten met het stapelen van dozen en ons grijnzend gade sloegen. Zie dan nog maar eens dat andere perspectief te vinden. Mij lukte het in ieder geval niet, maar met de kennis van nu zou ik zeggen: had je in zijn positie verplaatst en zie dat hij in zijn maag zit met tientallen parfums en vitaminepillen die dagelijks verdwijnen. Het is een kleine moeite om van tevoren uit te leggen wat je komt doen. Wellicht begeleidt hij je. Dan ziet hij wat je doet en voor jou is het fijn dat er iemand mee loopt die in een magazijn met duizenden artikelen de weg weet.

Win – win.

TIP 2 Bekijk de situatie van een afstand

Doe alsof je van een afstandje meekijkt. Je staat overal buiten en probeert onpartijdig en onbevooroordeeld te kijken. Wat zou je zien? Hoe reageert iedereen op elkaar? Waar gaat het over? Op welk moment gaat het mis? Ik zou het mooi aan die magazijnmedewerkers kunnen vragen, ze bleven niet voor niets staan. Ergens trokken we hun aandacht…. Dat had vast met lichaamstaal en toonhoogte te maken. ‘Waar ga je heen?’ kun je op een heleboel manieren uitspreken. En daarmee lok je net zo veel uiteenlopende reacties uit.

TIP 3 Heb oog voor elkaars doelen en drijfveren

Realiseer je dat niet iedereen met dezelfde doelen werkt. Doelen verschillen per afdeling en functie. Ik werkte op een marketingafdeling. Daar kijken ze anders naar geld en producten dan de boekhouder of de magazijnbeheerder (en dat is een goede zaak).

Drijfveren zijn persoonlijker dan doelen, ze komen van binnenuit en zitten dieper. Dus als het daar botst, botst het goed. Tenzij je inziet dat jullie elkaar aanvullen (je collega is goed in iets wat jij moeilijk of onbelangrijk vindt en andersom) en dat je uiteindelijk in dienst van hetzelfde bedrijf werkt. Je hoeft niet kritiekloos te zijn, maar respecteer de uitgangspunten van de ander, ook als ze haaks staan op de jouwe.

TIP 4 Onderscheid de feiten van je gevoel

De feiten zijn één, hoe jij ze opvat is een tweede. Welke gebeurtenis roept emoties bij je op? ‘Ik loop met artikelen het magazijn uit. Hij kent mij niet. Hij spreekt mij aan.’  Dat is de zakelijke omschrijving, tot zover is er niet veel aan de hand. Maar dan: ‘Ik krijg het gevoel dat hij mij van diefstal beschuldigt en dat maakt dat ik geïrriteerd, zelfs een beetje beledigd, reageer. Hij krijgt dan het gevoel dat ik zijn gezag niet serieus neem en dreunt op ferme toon, met uitgestoken vinger naar mij wijzend de huisregels van zijn ploeg op. Een ploeg waarmee ik op dit moment geen enkele betrokkenheid voel.’ Je begrijpt, dit is een neerwaartse spiraal.

Als je merkt dat je gevoel heviger is dan gepast, vraag je dan af hoe dat komt. Meestal heeft het te maken met ervaringen die je eerder in je leven hebt opgedaan. Ik kon er vroeger slecht tegen als ik, thuis of op school, straf kreeg voor iets wat ik niet gedaan had. Dat soort dingen neem je toch een beetje mee en zo schoot ik al snel in het rood toen ik dacht dat de goede man mij van diefstal verdacht. De aanwezigheid van omstanders versterkten mijn weerstand, maar ook dat is op een gevoel gebaseerd.

Wat kan de reden zijn geweest dat hij mij aansprak? Was het zijn bedoeling om mij te beschuldigen? Of om mij boos te maken? Ik denk het niet. Zie ook tip 1 en 3 over het andere perspectief, doelen en drijfveren.

TIP 5 Bedenk dat je een ander niet zomaar kunt veranderen en probeer het dan ook niet

Wat je wel kunt veranderen is de manier waarop jij tegen de situatie aankijkt. En toch…wie weet wat dat bij de ander in werking zet. Want als je oprecht probeert om iemand te begrijpen, dan zal hij jou ook beter gaan begrijpen. Dat maakt de kans groter dat hij even bij jou komt staan en zegt ‘Verrek, zo lijkt het wel een zes…’.

TIP 6 Hang dit plaatje boven je bureau

Of boven je bed. En kijk er regelmatig naar. Voor mij was het verrassend en verrijkend hoe zo’n plaatje nieuw inzicht bracht bij een oude gebeurtenis. En ik kan nog wel meer situaties bedenken waarin dit geholpen zou hebben. Gelukkig zijn we nooit te oud om te leren!

Bij welk conflict kan jij deze handvatten gebruiken? Ik wens je veel succes!